





een ode aan Helvoirt

foto’s; Archief HelvoirtNet/Rens Bressers 2014
HELVOIRT – 25 oktober 2026. Shady Morsi schrijft ons: Beste redactie van Helvoirt.net, twee keer per jaar kom ik vanuit Amsterdam naar Helvoirt, voor een retraite bij Bezinningscentrum Emmaus.
Het dorp is voor mij een plek geworden om tot rust te komen, op te laden en even afstand te nemen van de drukte van de stad.
Uit dankbaarheid heb ik een gedicht geschreven: een ode aan Helvoirt.
Graag wil ik ook de inwoners van Helvoirt bedanken voor de rust en gastvrijheid die ik hier telkens ervaar.
Vervolgens maakt Shady de opmerking of ze dat gedicht mag delen via HelvoirtNet, natuurlijk mag dat!!
Ode aan Helvoirt
Twee keer per jaar ontsnap ik aan het rumoer
van Amsterdams tram, het gedrang en getoeter,
waar elke minuut om een antwoord schreeuwt
en niemand ooit stilstaat, steeds verder, steeds sneller.
Dan reis ik naar het zuiden, de stad achter mij,
de snelweg wordt smaller, de lucht wordt wijd.
En voorbij het laatste gejaag van de dag
ligt jouw dorp, o Helvoirt, in zachte tijd.
Bij Emmaus open ik de deur van de stilte,
een huis waar de haast bij de ingang blijft staan.
Geen agenda, geen scherm, geen vragen van buiten,
alleen mijn eigen adem, die weer mag bestaan.
De gangen zijn zacht, de gesprekken gedempt,
de koffie smaakt trager, het brood smaakt naar thuis.
Op Emmaus ontmoet ik mezelf onderweg,
en vind ik mijn hoofd weer, ontdaan van het kruis.
Dan wandel ik uit langs de Zandleij, de beek,
die zonder te haasten haar bedding vervolgt.
Ze kronkelt door weiden en zingt door het riet,
en leert mij: wie stroomt, wordt nooit achterhaald of vervolgd.
Hier liep ook een schilder, Vincent genaamd,
die zijn vader bezocht, de dominee van dit dorp.
Hij woonde er niet, maar hij kwam en hij zag
en tekende de kerk, die hij liefhad in tekening en schop.
Ik sta voor het Sint-Nicolaaskerk, oud en nieuw.
en voel hoe zijn blik nog door het landschap blijft hangen.
Het Brabantse licht dat hem ooit heeft geraakt,
raakt ook mij, die hier kom met een hart vol verlangen.
Bij Zwijnsbergen glijdt het verleden voorbij,
een kasteel waar zijn familie gastvrij werd ontvangen.
En bij het graf van zijn oom in het veld, stil en klein,
voel ik: ook de grootsten zijn hier thuis gegaan.
Maar elke retraite kent ook een einde,
de tas ligt gepakt, de sleutel gaat terug.
De bomen staan stil als ik langzaam vertrek,
en de weg naar het noorden voelt zwaar, soms een brug te ver.
Want eenmaal terug wacht mijn eigen bestaan:
de stad en haar drukte, mijn werk, mijn gezicht,
de vergaderingen, de mails en de plannen,
het leven dat roept, en mij roept in het licht.
Dat is wat ik leer in jouw stille domein:
ik hoef jou niet mee, jij gaat met mij mee.
De rust die ik vond is geen plek, maar een adem
die ik mee kan nemen, door de drukte heen, vrij.
Dus dank je, Helvoirt, voor je open hart,
voor Emmaus, het huis waar ik even mag zijn,
voor de Zandleij, die mij het stromen leert,
voor Vincents licht, dat blijft schijnen in mij.
Ik keer weer terug naar mijn leven, mijn stad,
maar draag jouw stilte als warmte in mijn borst.
Tot de volgende keer, mijn toevluchtsoord.
Dank je wel, voor rust, voor ruimte, voor troost.
Met vriendelijke groet,
Shady Morsi
Pluk de dag

HelvoirtNet is ook te volgen op onze socials:








